Yves Krimpenfort

Languedoc-Roussillon

Languedoc-Roussillon het grootste wijnbouwgebied ter wereld. Het is drie keer zo groot als Bordeaux of het totale wijngaardareaal van Australië. Een derde van alle Franse wijnen komt uit Languedoc-Roussillon. Het gebied begint ten westen van de stad Nîmes en loopt door tot Perpignan aan de voet van de Pyreneeën. De wijngaarden liggen langs de kust van de Middellandse Zee, soms zelfs direct aan zee. De enorm uitgestrekte wijngaarden op de vlakte tussen de zee en de hellingen brengen IGP-wijnen voort. De meeste kwaliteitswijngaarden liggen tegen de hellingen: de coteaux. Dat zijn uitlopers van het gebergte de Cevennen (Frans: Cévennes). Het is een ideaal wijngebied. Het klimaat is stabiel en warm en het gebergte zorgt ‘s nachts voor afkoeling. Dit heeft een gunstig effect op de aroma’s van de druiven. De bodem is gevarieerd: in de kuststreken veel kalk, in de heuvels veel leisteen. Door deze ideale omstandigheden hoeft de wijnboer de wijngaarden nauwelijks tegen ziekten te behandelen.

Jarenlang was het een groot productiegebied van eenvoudige drinkwijnen voor lokaal gebruik. Wijnmakers gebruikten vooral het druivenras Aramon. De rendementen lagen vaak boven de 200 hectoliter per hectare.  In 1970 produceerde Languedoc 20 miljoen hectoliter alledaagse wijn. Het gebied raakte in verval door een daling van de afzet op de thuismarkt. De wijnen hadden weinig karakter en waren daardoor slecht opgewassen tegen de toenemende internationale concurrentie. Rond 1980 kwam hier verandering in. Investeerders kochten voor weinig geld de vervallen domaines, her­beplantten de wijngaarden met populaire rassen en investeerden in wijnkelders en installaties. Sinds­dien is Languedocwijn sterk verbeterd en in aanzien gestegen. Dankzij de nieuwe investeringen maakt Languedoc tegenwoordig aantrekkelijke wijnen. Er zijn nieuwe lokale appellations toegekend. De streek wordt nu ‘het Australië van Frankrijk’ genoemd, vanwege de toepassing van moderne technieken.

Wijnen uit Languedoc